De Japanse maritieme zelfverdedigingsmacht heeft een duidelijke stap gezet richting operationele laserbewapening op zee. Het testschip JS Asuka is begonnen met proefvaarten met een 100 kilowatt high energy laser aan boord. Op recente beelden zijn de grote beschermde deuren van de installatie geopend te zien, met daarachter een module die qua formaat vergelijkbaar is met twee 40-voets containers. Daarmee wordt zichtbaar hoe serieus Japan inmiddels inzet op gerichte energie als wapen tegen moderne dreigingen.
De installatie is niet alleen een demonstrator. Het schip is uitgerust met een radaropstelling die specifiek gericht is op het detecteren van drones. Dat wijst op een duidelijke focus: het onderscheppen van onbemande luchtvaartuigen en het versterken van de korteafstandsluchtverdediging van marineschepen.
Japan test laser op zee tegen dronezwermen
De timing is geen toeval. De oorlog in Oekraïne heeft laten zien hoe massaal en effectief drones kunnen worden ingezet. Goedkope quadcopters, loitering munitions en maritieme drones vormen een constante dreiging voor zowel land- als zeedoelen. Traditionele luchtverdediging, met raketten en snelvuurkanonnen, is effectief maar kostbaar. Een onderscheppingsraket kan vele honderdduizenden euro’s kosten, terwijl de aanvallende drone soms niet meer kost dan een paar duizend euro.
Hier komt de aantrekkingskracht van lasers in beeld. Een laserwapen gebruikt elektrische energie om een geconcentreerde lichtbundel te genereren die voldoende hitte opbouwt om een doelwit te beschadigen of te vernietigen. Bij een drone betekent dat meestal het doorbranden van de romp, het uitschakelen van sensoren of het laten ontbranden van interne componenten. Omdat een laser met lichtsnelheid werkt, is er geen sprake van traditionele projectieltijd. Zodra het doel wordt vastgehouden in het richtsysteem, wordt de energie vrijwel direct overgebracht. (zie onderstaande video: lasersysteem Israel)
Van raketten naar lichtsnelheid
Een belangrijk voordeel is de kostprijs per schot. Zodra het systeem operationeel is, bestaat de munitie uit elektriciteit. Dat maakt het per inzet extreem goedkoop in vergelijking met raketten. Bovendien heeft een laser in theorie een vrijwel onbeperkte magazijncapaciteit, zolang er voldoende stroom beschikbaar is. Voor marineschepen met krachtige generatoren is dat een aantrekkelijk perspectief.
Waarom 100 kilowatt het nieuwe minimum is
Japan kiest met 100 kilowatt voor een vermogen dat inmiddels internationaal als instapniveau voor operationele inzet wordt gezien. Met dit vermogen kunnen kleine tot middelgrote drones binnen enkele seconden worden uitgeschakeld, afhankelijk van afstand, weersomstandigheden en de kwaliteit van de bundel. Landen als de Verenigde Staten en Israël zijn al langer bezig met vergelijkbare systemen. In de Verenigde Staten wordt gewerkt aan lasers in de klasse van 150 tot 300 kilowatt voor schepen en landvoertuigen, terwijl er programma’s lopen richting 500 kilowatt om ook raketten en mogelijk zelfs kruisraketten sneller te kunnen neutraliseren.

Afbeelding Lockheed Martin: Een ontwikkeling van een 500kw lasersysteem.
Israël heeft zijn Iron Beam-systeem ontwikkeld als aanvulling op raketverdediging. (zie bovenstaande video) Dat systeem is bedoeld om korteafstandsdreigingen zoals raketten, artilleriegranaten en drones goedkoper te onderscheppen. Waar een traditionele interceptor relatief duur is, kan een laser het kostenplaatje drastisch verlagen bij grote aantallen inkomende doelen.
Amerika en Israël versnellen de ontwikkeling
Ook kleinere landen investeren. Nederland werkt samen met het Australische bedrijf EOS aan de ontwikkeling van een maritieme laseroplossing. Voor een land met een relatief kleine marine is dat logisch. Een fregat dat wordt geconfronteerd met een zwerm drones moet langdurig kunnen verdedigen zonder zijn raketvoorraad snel uit te putten. Een laser biedt daar een extra laag in de verdediging.
De ontwikkeling bevindt zich wereldwijd in een stroomversnelling. De huidige generatie systemen zit vaak in de bandbreedte van 100 tot 300 kilowatt. Dat vermogen is nodig om binnen zeer korte tijd voldoende energie op een doel te concentreren. Het neerhalen van een drone in een fractie van een seconde vereist hoge energiedichtheid. Voor grotere doelen, zoals snelle raketten, is nog meer vermogen gewenst om de benodigde schade vrijwel direct toe te brengen voordat het doel zijn traject voltooit.
Wanneer wordt dit standaard op oorlogsschepen?
Toch zijn er ook technische uitdagingen. Lasers zijn gevoelig voor atmosferische omstandigheden. Mist, regen, stof en zeespray kunnen de bundel verstrooien en het effectieve bereik verminderen. Op zee spelen daarnaast trillingen, beweging van het schip en thermische belasting van de installatie een rol. Het feit dat Japan nu maritieme testen uitvoert, laat zien dat men zich in de fase bevindt waarin theorie wordt omgezet naar praktijk.
De vraag wanneer deze capaciteit op frontline-schepen verschijnt, hangt af van de testresultaten. Als de proeven met de 100 kilowatt installatie succesvol verlopen, kan een eerste operationele integratie binnen enkele jaren plaatsvinden. Meestal volgt na tests op een dedicated proefschip een beperkte serie-installatie op een nieuw of gemoderniseerd fregat. Gezien de snelheid waarmee andere landen hun systemen versneld invoeren, is het aannemelijk dat Japan niet achter wil blijven.
Wat vooral opvalt is dat lasers niet langer futuristisch ogen, maar steeds meer een logisch antwoord vormen op een concreet probleem. De massale inzet van drones heeft het luchtruim dichter bij schepen drukker en gevaarlijker gemaakt. Een wapen dat goedkoop, snel en nauwkeurig is, past in dat dreigingsbeeld.