Hypersonische wapens zijn de afgelopen jaren hét zorgpunt geworden binnen de westerse krijgsmachten. Rusland gebruikt ze in Oekraïne, China test ze aan een hoog tempo, en de VS waarschuwen dat traditionele lucht- en raketverdediging nauwelijks bestand is tegen deze nieuwe generatie raketten. Het grote probleem: hypersonische wapens zijn extreem snel, manoeuvreerbaar en vliegen lager dan klassieke ballistische raketten, waardoor bestaande interceptoren vaak te vroeg, te laat of op de verkeerde plek kijken.
Europa beseft dat het een eigen oplossing nodig heeft en niet afhankelijk kan blijven van Amerikaanse systemen. Daarom werkt MBDA – het Europese raketconsortium – sinds kort aan Aquila, een geavanceerd interceptorproject dat moet kunnen omgaan met precies die onvoorspelbaarheid. Het systeem moet in staat zijn om hypersonische dreigingen te detecteren, te volgen en uiteindelijk te vernietigen. Maar hoe werkt zo’n interceptor eigenlijk, waarom is dit zo moeilijk, en hoe ver staat MBDA nu?
Wat is een hypersonische dreiging precies?
Hypersonische raketten zijn wapens die sneller dan Mach 5 vliegen, dus meer dan vijf keer de geluidssnelheid. Dat kan via twee hoofdtypen:
• glijvoertuigen (HGV’s) die na lancering van een raket loskoppelen en al manoeuvrerend naar hun doel glijden,
• en hypersonische kruisraketten die door een speciale motor (scramjet) continu op hoge snelheid door de atmosfeer vliegen.
Het grootste verschil met klassieke ballistische raketten is dat hypersonische wapens niet simpelweg een boog door de atmosfeer maken. Ze kunnen onderweg van koers veranderen, lager vliegen en sensoren ontwijken. Hierdoor is het haast onmogelijk om hun traject precies te voorspellen.
Video MBDA, let ook op de meerdere stuurvlakken van de interseptor.
Waarom bestaande luchtverdediging tekortschiet
Europese landen gebruiken luchtverdedigingssystemen zoals Patriot, SAMP/T of NASAMS, maar die zijn ontworpen voor conventionele raketten en vliegtuigen. Bij hypersonische doelen ontstaan drie problemen:
- Te weinig reactietijd
Bij snelheden boven Mach 5 blijft er maar een paar minuten tijd over om een interceptie te plannen. - Sensoren die het niet bijbenen
Radars die ontworpen zijn om ballistische banen te volgen, verliezen een hypersonisch glijvoertuig dat zigzagt door de atmosfeer. - Interceptors die niet wendbaar genoeg zijn
Klassieke raketonderscheppers zijn gebouwd om een relatief voorspelbare baan te onderscheppen, niet een constant manoeuvrerende dreiging.
Aquila moet dit veranderen.
Aquila: hoe werkt de nieuwe Europese interceptor?
MBDA ontwikkelt Aquila als onderdeel van de EU Defence Fund-projecten. Het gaat niet om één raket, maar om een compleet interceptie-ecosysteem: sensoren, commandovoering en een nieuwe interceptor met extreme wendbaarheid.
De raket zelf wordt ontworpen met meerdere sturende oppervlakken en een sterke motor die snel kan versnellen. Daarmee moet Aquila in staat zijn om koerswijzigingen van hypersonische wapens te volgen. MBDA spreekt over een “hit‑to‑kill” concept: geen explosieve lading, maar een directe impact op het doel. Dat vraagt om ongekende precisie bij enorme snelheden.
Daarnaast werkt MBDA aan een nieuw type sensorfusie. Meerdere radars, infraroodsensoren en datalinks moeten realtime hun gegevens combineren om het hypersonische doel vast te houden, zelfs wanneer het diep in de atmosfeer manoeuvreert.

Wat zegt MBDA zelf over de staat van het project?
In recente verklaringen benadrukt MBDA dat Europa niet langer achter mag blijven bij de VS, China en Rusland. Het bedrijf zegt dat Aquila expliciet bedoeld is voor “defence against emerging hypersonic threats” en dat het project sinds 2023 in een versnelling zit door EU‑financiering.
Volgens MBDA liggen de grootste uitdagingen op drie vlakken:
• extreem snelle verwerking van sensorinformatie,
• enorme wendbaarheid op hoge snelheid,
• en een commandostructuur die binnen seconden beslissingen neemt.
MBDA heeft inmiddels meerdere prototypes van subsystemen getest, waaronder aerodynamische modellen en sensormodules. Hoewel er nog geen vluchtmodel is getoond, geeft het bedrijf aan dat de conceptfase bijna afgerond is en dat Europa moet rekenen op “de tweede helft van dit decennium” voor de eerste echte interceptortests.
Samenwerking binnen Europa: wie doet er mee?
MBDA werkt samen met meer dan 20 Europese bedrijven en onderzoeksinstanties, waaronder sensorbouwers, lucht- en ruimtevaartlaboratoria en defensieagentschappen. De bedoeling is dat Aquila uiteindelijk onderdeel wordt van een bredere Europese luchtverdedigingsstructuur, mogelijk samen met systemen als SAMP/T NG en de nieuwe Europese Early Warning-radarnetwerken.
Frankrijk, Duitsland, Italië en Spanje worden gezien als de belangrijkste partners, al benadrukt MBDA dat het project openstaat voor alle EU‑landen die willen instappen.
Hoe ver is Europa vergeleken met de rest?
De VS hebben al meerdere programma’s lopen voor hypersonische verdediging, zoals Glide Phase Interceptor en het Aegis-systeem dat wordt aangepast. China en Rusland claimen al hypersonische wapens te hebben die moeilijk te onderscheppen zijn.
Europa begint later, maar pakt het bewust anders aan: niet per land, maar vanuit één gezamenlijke interceptor. Dat is zeldzaam binnen Europese defensiesamenwerking, maar absoluut noodzakelijk. Hypersonische verdediging is simpelweg te duur en te complex voor landen om afzonderlijk te ontwikkelen.
Aquila is nog niet operationeel, maar het project zit op schema voor een technologie-demonstratie voor 2030. Dat lijkt ver weg, maar gezien de extreme technische uitdagingen is dit eigenlijk een vrij agressieve planning.